info@3dprintportaal.nl

Pay iDeal
Pay B2B
Pay Visa
Pay Mastercard
Pay Klarna
Pay Billing
Pay Apple
Pay Google
Winkelwagen 0  0.00

3D Print service

3D Print Particulier

3D Print Particulier

Upload Bestand

3D Print Zakelijk

3D Print Zakelijk

Upload Bestand

Grootschalige Productie

Grootschalige Productie

Contact formulier

3D Print Info

Materiaal

Materiaal

Materiaal sorten

Materiaal Kleuren

Materiaal Kleuren

Kleurvoorbeelden

Wat Kost Een 3D Print?

Wat Kost Een 3D Print?

Prijs en levertijd

3D printtechnieken

FDM Printen

FDM Printen

Plastic draadprinter

SLA Printen

SLA Printen

Hars printer

SLS Printen

SLS Printen

Poederprinter

Een haakje dat bij het eerste gebruik afbreekt, een behuizing die kromtrekt of een detail dat niet goed uit de printer komt: in veel gevallen ligt de oorzaak bij de wanddikte. De vraag welke wanddikte voor 3d print nodig is, heeft daarom direct invloed op de sterkte, prijs, nauwkeurigheid en produceerbaarheid van uw onderdeel.

Er bestaat geen universele maat. Een decoratief SLA-model stelt andere eisen dan een belast FDM-onderdeel of een PA12-behuizing uit SLS. Ook de richting waarin een onderdeel wordt belast, de geometrie, het gekozen materiaal en de printtechniek bepalen samen wat verantwoord is. Met de juiste uitgangspunten voorkomt u verrassingen na productie.

Welke wanddikte voor 3D-print per techniek?

Onder wanddikte verstaan we de afstand tussen de binnen- en buitenzijde van een model. Bij een hol model is dat dus de dikte van de schaal. Bij een massief ogend FDM-model wordt die dikte opgebouwd uit buitenwanden, ook wel perimeters genoemd, en eventueel infill aan de binnenkant.

De onderstaande waarden zijn praktische ontwerprichtlijnen voor onderdelen die goed te produceren moeten zijn. Voor uiterst fijne details zijn soms dunnere wanden mogelijk, maar dat maakt een onderdeel kwetsbaarder en minder voorspelbaar.

FDM: reken voor functioneel werk op 1,2 tot 2 mm

FDM bouwt een onderdeel op uit gesmolten filamentbanen. Bij een gangbare nozzle van 0,4 mm is een wand van 0,8 mm technisch mogelijk, omdat deze uit twee banen bestaat. Voor een visueel onderdeel zonder belasting kan dat voldoende zijn. Voor een bruikbaar onderdeel adviseren we meestal minimaal 1,2 mm, oftewel drie buitenwanden.

Moet een onderdeel klappen, schroeven, trillingen of herhaald gebruik weerstaan? Kies dan liever 1,6 tot 2 mm of meer. Dat geldt zeker voor materialen als PLA, dat stijf is maar minder vergevingsgezind bij schokken. PETG biedt meer taaiheid, ABS en ASA zijn geschikt voor technische toepassingen en buitengebruik, terwijl TPU juist flexibel is. De optimale dikte blijft bij elk materiaal anders.

Let ook op de nozzlemaat. Wordt een 0,6 mm nozzle gebruikt voor een snellere productie, dan sluit een wand van 1,2 mm perfect aan op twee banen. Een wand van bijvoorbeeld 1,5 mm kan nog steeds worden geprint, maar leidt mogelijk tot een minder efficiënte baanverdeling. Ontwerp wanden daarom bij voorkeur als veelvoud van de gekozen baanbreedte wanneer maatvastheid en een strak resultaat belangrijk zijn.

SLS met PA12 of PA11: dun mogelijk, maar niet altijd verstandig

SLS-printen met nylonpoeder maakt complexe, sterke onderdelen mogelijk zonder ondersteuningsmateriaal. Dunne wanden vanaf ongeveer 0,8 tot 1 mm zijn bij bepaalde geometrieën haalbaar. Voor kleine sierdelen, luchtkanalen of lichte omhulsels kan dat een goede keuze zijn.

Voor functionele behuizingen, clips en onderdelen die in handen komen, is 1,5 tot 2 mm een veiliger uitgangspunt. Bij grotere vlakken of lange, slanke vormen mag de wand nog dikker zijn. Nylon is taai en licht flexibel, maar een groot dun vlak kan alsnog vervormen of meegeven onder belasting.

Holle SLS-onderdelen hebben bovendien openingen nodig om ongebruikt poeder te verwijderen. Plaats die niet op een willekeurige plek: kies een zone die na montage niet zichtbaar is en zorg dat het poeder daadwerkelijk uit interne kamers kan ontsnappen. Een gesloten hol volume levert geen gewichtsvoordeel op als het poeder erin blijft zitten.

SLA en DLP resin: minimaal 1 tot 1,5 mm voor bruikbare delen

SLA- en DLP-technieken leveren scherpe details en gladde oppervlakken. Daardoor zijn ze populair voor miniaturen, presentatiemodellen, sierobjecten en nauwkeurige prototypes. Wanden van 0,8 tot 1 mm kunnen bij kleine, goed ondersteunde details mogelijk zijn, maar zijn gevoelig tijdens nabewerking en gebruik.

Voor een hol resin-model is 1,5 tot 2 mm doorgaans verstandiger. Dit helpt niet alleen tegen breuk, maar beperkt ook het risico dat dunne delen vervormen tijdens het reinigen en nabelichten. Holle resin-onderdelen vereisen daarnaast afvoer- en ventilatiegaten. Zonder die openingen kan niet-uitgeharde resin in het model achterblijven, met drukopbouw of scheurvorming als mogelijk gevolg.

De resinsoort telt zwaar mee. Standaard resin is vooral geschikt voor uiterlijk en detail. Tough, ABS-like of engineering resins zijn beter voor functionele toepassingen, maar ook dan blijft een scherpe binnenhoek of een te dun aansluitpunt een zwakke plek.

Wanddikte is niet hetzelfde als sterkte

Een dikkere wand maakt een onderdeel vaak sterker, maar niet automatisch goed ontworpen. De belasting moet door de juiste zones lopen. Een dunne arm met een dikke basis breekt nog steeds bij de overgang als daar een scherpe hoek zit.

Rond overgangen daarom af met een afronding, ook wel fillet genoemd. Een kleine radius verdeelt de spanning veel beter dan een haakse overgang. Bij een draagbeugel, clip of handgreep levert dit vaak meer op dan overal zomaar 1 mm extra wand toevoegen.

Ook de printrichting is bepalend, vooral bij FDM. De hechting tussen printlagen is doorgaans zwakker dan de sterkte binnen één laag. Een haak die loodrecht op de laaglijnen wordt belast, kan sneller splijten dan dezelfde haak die zo is georiënteerd dat de banen de trekkracht volgen. Soms is een kleine ontwerpaanpassing of andere oriëntatie goedkoper en sterker dan een zwaardere uitvoering.

Gebruik ribben wanneer een groot vlak stijf moet zijn zonder dat het volledig massief hoeft te worden. Denk aan een elektronicabehuizing, montageplaat of deksel. Ribben van ongeveer de helft tot twee derde van de hoofdwand zijn vaak effectief. Maak ze niet exact even dik als de hoofdwand, want dat kan bij sommige processen zichtbare spanningen, krimp of lokale vervorming veroorzaken.

Kritieke zones vragen om extra materiaal

De gemiddelde wanddikte van een onderdeel kan prima zijn, terwijl één lokaal detail alsnog faalt. Controleer daarom altijd de zones waar kracht wordt ingeleid: schroefpunten, klikverbindingen, gaten, scharnieren, handgrepen en dunne uiteinden.

Bij schroeven is een stevige boss rond het gat nodig. Voor een zelftappende schroef in kunststof moet de buitenzijde van de boss voldoende vlees hebben, meestal minstens 1,5 tot 2 mm vanaf het schroefkanaal, afhankelijk van de schroefmaat en het materiaal. Voor onderdelen die vaak worden gemonteerd, is een metalen draadinzet of een doorgestoken bout met moer vaak duurzamer dan rechtstreeks schroefdraad in geprint kunststof.

Klikverbindingen werken alleen als materiaal, dikte en lengte samen kloppen. Een korte, dikke clip is stijf en breekt sneller. Een langere clip met een gecontroleerde dunne buigzone kan juist betrouwbaar functioneren. PA12, PETG en TPU zijn hiervoor meestal geschikter dan standaard PLA of bros resin.

Kies dikte op basis van de toepassing

Een schaalmodel, een afdekkap en een machineonderdeel kunnen dezelfde buitenvorm hebben, maar vragen om een totaal andere aanpak. Begin daarom niet met de vraag hoeveel millimeter technisch printbaar is. Begin met de functie van het onderdeel.

Voor een decoratief model dat nauwelijks wordt aangeraakt, mag de wand licht zijn. Voor een prototype waarmee u pasvorm controleert, is vooral maatvastheid relevant. Voor een eindonderdeel in een apparaat moet u denken aan montage, temperatuur, UV-belasting, reiniging, impact en levensduur. Bij een serieproductie telt ook herhaalbaarheid: een ontwerp dat nét printbaar is, is zelden de beste basis voor honderden of duizenden stuks.

Houd bij de eerste ontwerpcontrole in ieder geval rekening met deze vier punten:

  • Kies de printtechniek en het materiaal voordat u de definitieve wanddikte vastlegt.
  • Verdik niet alleen grote vlakken, maar juist ook schroefpunten, overgangen en belaste details.
  • Stem FDM-wanden af op de nozzle- of baanbreedte voor een efficiënter en consistenter resultaat.
  • Maak holle resin- en SLS-modellen alleen als u afvoeropeningen en interne reiniging meeneemt in het ontwerp.

Te dun of te dik: beide kosten geld

Te dunne wanden kunnen leiden tot afkeur, breuk, doorschijnen, kromtrekken of extra nabewerking. Bij FDM kunnen zeer dunne secties onregelmatig worden opgebouwd. Bij resin kunnen ze vervormen tijdens het verwijderen van supports. Bij SLS bestaat bij grote dunne vlakken de kans op vervorming door thermische spanning.

Te dikke wanden zijn evenmin altijd de oplossing. Ze verhogen materiaalverbruik, printtijd en prijs. Bij FDM kunt u voor grotere onderdelen vaak beter werken met voldoende buitenwanden en een passende infill dan met een volledig massieve constructie. Bij resin en SLS kan hol ontwerpen gewicht en kosten besparen, mits de geometrie daarvoor geschikt is.

Een goede vuistregel is: maak een onderdeel zo licht mogelijk, maar geef materiaal waar de functie erom vraagt. Dat is iets anders dan overal dezelfde wanddikte toepassen.

Laat het ontwerp controleren voordat het productie ingaat

Een 3D-bestand kan er op het scherm perfect uitzien en toch problemen geven in productie. Niet-manifold geometrie, onbedoeld dunne randen, gesloten holtes en slecht ontworpen bevestigingen vallen vaak pas op bij een technische bestandscontrole. Juist bij een functioneel prototype of serie is dat het moment om aanpassingen te doen, niet nadat het onderdeel is geleverd.

Twijfelt u tussen 1,2 en 2 mm, kies dan niet blind voor de dunste optie. Deel waarvoor het onderdeel wordt gebruikt, welk materiaal u voor ogen heeft en hoe het belast wordt. Bij 3D Print Portaal kan die informatie worden vertaald naar een produceerbare keuze die past bij snelheid, prijs en de gewenste levensduur van uw onderdeel.

author avatar
Matic Bali
Mijn winkelwagen
🎁 Nog maar  100.00 tot uw gratis verzending
Je winkelwagen is leeg.

Het lijkt erop dat je nog geen keuze hebt gemaakt.